LXXXIV. Vrienden

pianokeysMilo volgde Rick naar beneden, naar de ontbijtzaal waar voor de band een gedeelte was afgezet zodat ze door niemand gezien konden worden. In de gangen en in de lift spraken ze niet. Milo hield zijn ogen neergeslagen en zag niets anders dan de vloer. Vloerbedekking, kleden, tegels, drempels.
Aan de ontbijttafel liet hij zijn ogen even langs zijn bandleden gaan voordat hij ging zitten en hij mompelde een groet. De anderen groetten hem terug. Jesse bleef een hele tijd naar Milo’s gezicht kijken en Milo voelde hoe zijn wangen vuurrood werden, en hij schaamde zich ervoor dat hij zich zo ongemakkelijk voelde bij zijn vrienden. Hoewel, kon hij ze nog zijn vrienden noemen? Waren ze niet allemaal een beetje opgelucht en blij dat ze na vandaag van hem af waren? Van hem en zijn onvoorspelbare gedrag en zijn stompzinnige gewoontes en zijn onbedwingbare behoefte aan stimulerende middelen? Hij voelde zijn ogen alweer prikken en kneep ze dicht.
De jongens spraken met elkaar over de tour, maar bleven op alle mogelijke manieren weg van Milo’s terugval en de gebeurtenissen van de afgelopen dagen. Milo vroeg zich af of ze het zo hadden afgesproken. Na een tijdje besloot hij opstandig dat hij tegenover zichzelf net zou doen alsof het hem niet interesseerde.
Fuck alles en iedereen.
Het lukte hem wat toast te eten en een beetje fruit. Hij dronk twee grote glazen water en vroeg zachtjes en beschaamd of er iemand met hem mee terug wilde gaan naar zijn hotelkamer op het moment dat hij merkte dat hij weer misselijk werd.
Fletcher stond op.
Milo deed heel even zijn ogen dicht.
“Nee joh, blijf maar even zitten,” hoorde hij Fletcher tegen Rick zeggen. “We zien jullie straks wel.”
“Half twaalf,” zei Rick.
“Geen probleem,” zei Fletcher.
Milo keek naar hem terwijl hij om de tafel heen liep naar de deur die terug leidde naar de gang en de liften. Toen hij bleef staan en duidelijk wachtte tot Milo in beweging zou komen forceerde Milo een heel lichte glimlach, naar iedereen, in het algemeen. “Tot zo,” zei hij zacht. Hij voelde hoe Tom, die het dichtst bij hem zat, heel even zijn schouder aanraakte terwijl hij opstond, maar hij kon het niet opbrengen naar hem te kijken.

Geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

LXXXIII. Wakker

pianokeys“Word je wakker?”
Milo opende langzaam zijn ogen. Rick zat gehurkt naast zijn bed.
“Goedemorgen.” Rick klonk te vriendelijk, te lief.
Zijn ogen weer sluitend probeerde Milo zijn lippen te bevochtigen met zijn tong. Het hielp niet; zijn mond was gortdroog. Hij merkte dat zijn hoofd nog steeds zeer deed. “Hi,” raspte hij. Zijn strot lag aan flarden. Welja.
“Wil je koffie?”
Milo schudde voorzichtig zijn hoofd. “Water,” fluisterde hij. “En aspirine. Of zoiets.”
“Kater?”
Van een halve gram coke? Kom op.
Maar Milo reageerde niet, een hand naar zijn gezicht brengend om het daglicht uit zijn ogen te houden. Verrassend genoeg had hij droomloos geslapen en hij wilde niets liever dan terug naar die staat van zijn. Die staat waarin hij niets was, en nergens.
“Kom,” zei Rick, en Milo hoorde hoe hij overeind ging staan. “Sta op.”
Milo bewoog niet.
“Milo. Alsjeblieft.”
Na een hele tijd draaide Milo zich langzaam op zijn rug. Hij deed zijn ogen weer open en keek naar Rick, die nog steeds naast zijn bed stond. “Breng je me straks rechtstreeks naar de kliniek?”
Rick haalde diep adem. Uiteindelijk zei hij: “Nee.”
Milo zweeg even. “Waarom niet?”
“Wil je niet eerst naar huis?”
Daar moest Milo even over nadenken. Zijn ogen afwendend antwoordde hij zachtjes: “Ik kan niet alleen zijn.”
“Ik blijf bij je.” En toen Milo weer naar hem keek: “En Laura is er. Jesse sprak haar vanmorgen. Ze wil je graag zien.”
Milo perste zijn lippen op elkaar. Hij wilde helemaal niet gezien worden door Laura. Of door al zijn vrienden, trouwens. Of door zijn manager. Het liefst wilde hij verdwijnen. Dan hoefde niemand meer rekening met hem te houden. Dan hoefde niemand zich meer zorgen om hem te maken.
“Kom, jongen,” zei Rick, naar de andere kant van de kamer lopend. “Sta op. Ga even douchen.”
Het duurde heel lang voordat Milo zichzelf ertoe kon brengen ook daadwerkelijk overeind te komen en op te staan. Onder de douche moest hij overgeven en hij huilde zachtjes terwijl hij keek naar hoe zijn volledig vloeibare braaksel wegspoelde door het putje. Hij moest zich hevig concentreren om zijn gezicht glad te kunnen scheren en kamde zijn natte haar zonder het te drogen. Hij trok zijn sneakers aan zonder de veters vast te maken omdat hij niet wilde bukken omdat hij bang was dat hij om zou vallen en niet meer overeind zou kunnen komen. Ondertussen maalde zijn hoofd maar door, over van alles en nog wat, steeds terugkomend bij de vraag of hij niet toch nog stiekem ergens een heel klein beetje cocaïne verborgen had weten te houden voor iedereen, zodat hij in ieder geval de ochtend door zou kunnen komen.
Rick hield hem een glas water en twee aspirine voor toen Milo uit de badkamer kwam. Milo keek hem aan terwijl hij beide aannam. Met gesloten ogen legde hij de pillen op zijn tong en dronk hij het glas leeg.
“Goed zo,” zei Rick.
Milo voelde zich betutteld en moest zich moeite doen dat niet te laten merken.

Geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Pesten

pesten.jpgDoor de zogenaamde ‘trending topics’ heenlopend op Twitter constateerde ik dat het vandaag weer een bijzondere dag is: de Dag Tegen Pesten. Nou ben ik niet zo van de dagen waarop een speciaal onderwerp centraal staat, want tegenwoordig is er elke dag wel weer een Dag Van/Voor/Tegen De/Het/Een Vul-Maar-In. Maar het woord ‘pesten’ trekt altijd mijn aandacht. Want ik ben vroeger op school gepest.

Het blijkt overigens dat de meeste volwassenen denken of vinden dat ze in meer of mindere mate gepest werden op school, dus laten we niet te veel stilstaan bij op welke manier ik gepest werd en hoe erg dat was. Het enige wat ik erover wil zeggen is dat ik op de lagere en middelbare school voldeed aan alle criteria die ik vond in een artikel met de titel ‘Wordt jouw kind gepest?’, waarin zeven signalen stonden genoemd waaruit je zou kunnen concluderen dat je kind inderdaad het onderwerp van pesterijen is.

Onder die zeven signalen stond een opsomming van zeven tips om je kind te helpen. En daar wil ik wel op ingaan. Want, Schrijver Van Dit Artikel: deze tips zouden mij in ieder geval destijds allemaal op geen enkele manier geholpen hebben.

Tip 1: Laat het aanpakken van een pestkop niet aan je kind over. Vertel je kind wat je er aan gaat doen. Praat met mensen die de leiding hebben op de plek waar het pesten zich voordoet.
Nobel. Maar of het veel nut heeft om als ouder naar de schoolleiding te stappen en het erover te hebben? Kinderen die openlijk pesten gaan dat gewoonlijk echt niet minder doen wanneer ze netjes wordt gevraagd een ander kind niet meer te pesten. Ze gaan het op zijn hoogst minder opvallend doen.

Tip 2: Moedig je kind aan om precies te beschrijven wat er is gebeurd. Probeer er achter te komen of het al eerder is gebeurd en zo ja hoe vaak. Vraag wat je kind daarna deed en dring aan op precieze details. De situatie naspelen kan ook nuttig zijn.
Ik probeerde mij zojuist een voorstelling te maken van dat mijn moeder met mij in de keuken na zou gaan spelen dat één van de kinderen uit mijn klas naar me toe liep en uit het niets tegen me zei dat ik lelijk was (precieze bewoording: “Hé, het paard is er ook weer!”). Ja, dat had me geweldig geholpen destijds. Niet.

Tip 3: Blijf rustig.
Dat hebben mijn ouders gedaan. Top! Maar dan komt de rest van de tip:
[…] Neem niet als vanzelfsprekend aan dat de pestkop overal de schuld van is. Misschien heeft je kind hem of haar geplaagd of uitgedaagd.
Luister effe, Schrijver Van Dit Artikel: ik heb helemaal niks gedaan om uit te dagen, ik pestte zelf niet. Dat heb ik eenmaal gedaan, om te proberen erbij te horen, en daar heb ik tot op de dag van vandaag spijt van (Norman, nogmaals sorry!). De meeste kinderen die écht gepest worden, hebben niemand uitgedaagd. Die worden door de pesters speciaal uitgezocht om te pesten. Omdat ze bijvoorbeeld geen grote vriendengroep hebben om ze te beschermen.

Tip 4: Zet alle feiten op een rijtje en zeg tegen je kind dat het pesten een probleem is en dat jullie samen aan een oplossing gaan werken.
Toen ik dit las, zat ik met mijn mond vol tanden. Wat je als ouder belooft, moet je ook doen. Maar hoe ga je dit doen? Ik hoopte dat de volgende tips soelaas zouden bieden…

Tip 5: De meeste kinderen zoeken de oorzaak van het pesten in het karakter van de pestkop. Leg uit dat er verschillende redenen voor pesten kunnen zijn. Bijvoorbeeld omdat de pestkop zelf weinig vrienden heeft.
Sorry hoor, Schrijver Van Dit Artikel, maar ik had er als kind werkelijk geen ruk aan gehad als mijn ouders dit tegen me hadden gezegd. Hoe wapent een kind dit tegen kinderen die elke morgen en elke pauze klaarstaan om het uit te schelden en aan haar haren te trekken? Precies, het wapent het kind niet. Aan deze uitleg had ik pas iets toen ik een ruime vijftien jaar later in een stoeltje zat bij een therapeut.

Tip 6: Stimuleer je kind om oplossingen te bedenken. Als je zelf ook nog mogelijkheden kunt bedenken schrijf ze dan op als je kind klaar is. Help je kind om de meest kansrijke oplossing te kiezen.
Dit is volgens de Schrijver Van Dit Artikel denk ik ‘samen aan een oplossing werken’ (tip 4). Het zet alleen geen zoden aan de dijk. Welke oplossing is er voor een kind dat naar de zijkant van de gang wordt geduwd door andere kinderen, zodat weer andere kinderen een deur open kunnen gooien waar het kind dan tegenaan loopt? Welke oplossing bedenk je voor een kind dat dagelijks wordt gepest met het feit dat het geen merkkleding draagt?

Tip 7: Oefen de oplossing samen en vertel na afloop wat er goed ging. Blijf oefenen totdat je kind de oplossing kan uitvoeren.
Maar dan moet je dus wel een werkbare oplossing hebben die je kunt ‘oefenen’. Moet je met je kind oefenen om wel merkkleding te gaan dragen? Of om net te doen of het niet hoort dat het wordt uitgescholden (weet, mensen die niet gepest zijn of worden, dat dit op geen enkele manier helpt!)? Of oefenen om te negeren dat andere kinderen proberen het pootje te haken als het voorbij loopt? Wat ga jij oefenen met je gepeste kind…?

Hé, Schrijver Van Dit Artikel. Jij bent nooit gepest, hè? Luister naar deze raad van iemand die wél gepest is op school: als je niet weet waar je het over hebt, en alleen maar kunt gissen waarom iets wel of niet gebeurt, blijf dan ver uit de buurt van raadgevingen. Want de kans dat je de situatie erger maakt, is levensgroot aanwezig.

P.S. Ik besef dat ik zelf ook geen oplossingen geef in dit stuk. Maar om eerlijk te zijn, ik heb ze ook niet. Ik zou niet weten hoe ik mijn kind zou moeten leren om te gaan met gepest worden, of wat ik eraan zou moeten doen. Heb jij wel tips? Deel ze…!

Geplaatst in Persoonlijk | Tags: , , | 6 reacties

LXXXII. Sorry

pianokeysIn zijn hotelkamer, toen de deur achter hen in het slot was gevallen, moest Milo nog heviger huilen. Wild snikkend fluisterde hij “sorry, sorry, sorry,” zonder echt te beseffen dat hij het deed. Hij keek naar zijn handen en wenste dat ze kapot waren, zo kapot dat hij niet meer kon spelen. Hij wenste dat hij zich neer had gelegd bij wat die chirurg toen tegen hem zei, dat hij nooit meer zou kunnen spelen, en dat hij zich terug had getrokken, of dat hij zelfmoord had gepleegd in plaats van alles wat hij wel gedaan had. Hij wenste dat hij de kracht en de moed had zijn eigen vingers te breken, nog een keer, zodat hij nu echt niets meer zou kunnen, alle wonderchirurgen ter wereld ten spijt.
Hij wenste dat hij zou kunnen verdwijnen.
Hij werd op zijn bed gelegd, iemand drapeerde een deken over hem heen en hij keek naar het raam, naar de blinkende lichtjes van de stad, ver weg, die vertroebelden elke keer dat er zich nieuwe tranen in zijn ogen verzamelden. Na heel lang pas kon hij ophouden met snikken. Er stond muziek aan en hij hoorde mensen die zacht met elkaar praatten.
Iemand knielde bij hem. Jesse.
“Hé man.”
Milo forceerde een glimlachje.
“Hoe gaat het nou?”
“Weet ik niet.”
Jesse glimlachte. Het had iets meewarigs wat Milo liever niet had gezien. Na een hele tijd vroeg hij: “Wil je morgen eerst naar huis of meteen, eh…”
Milo deed zijn ogen dicht. Eerlijk gezegd wilde hij naar huis. Maar hij wist dat hij niet alleen kon zijn en hij wilde het niemand aandoen op hem te moeten passen als hij zich zo ellendig voelde. “Weet ik niet,” antwoordde hij daarom nog eens.
“Hoef je nu ook niet over te beslissen,” zei Jesse snel.
Milo glimlachte weer, nu een beetje cynisch. Hij vermoedde dat Jesse het verschil niet zag. Zijn ogen weer openend vroeg hij: “Wat zou jij doen?”
“Geen idee, Milo.”
Hij deed zijn ogen weer dicht. Zijn oogleden brandden.
Jesse legde troostend zijn hand tegen Milo’s gezicht.
Na een hele tijd fluisterde Milo zachtjes: “Waarom zijn jullie niet boos?”
Jesse antwoordde niet.

Geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Ster

sterDe Ster is een ster als hij
daar
staat en pronkt en dwing
Als hij schreeuwt en lijdt
alleen dan
is de Ster een ster

En in de stilte
wanneer zijn blik leeg is en
de aanbidding ontbreekt
is de Ster
Niemand

Geplaatst in Gedichten, Persoonlijk, Schrijfsels | Tags: | 3 reacties

LXXXI. Zoeken

pianokeysZijn kaak trilde nog steeds en Milo beet op zijn onderlip, balde zijn vuisten, kneep hard zijn ogen dicht. Hij liep naar de wastafels en keek in de spiegels erboven. Vreemd genoeg zag hij niets anders aan zichzelf dan eerder die avond. Hij zag er moe uit, maar knap en jong. Niets verontrustends. Niets raars. Niets wat hij niet herkende als normaal. Op zijn enorme pupillen na. Milo haalde diep adem, en nog eens, en nog eens voordat hij het gevoel had dat hij voldoende moed had verzameld zich weer onder de mensen te begeven.
Terug in de bar spraken mensen hem aan, natuurlijk spraken mensen hem aan, en Milo glimlachte en zei niets omdat hij geen idee had wat ze tegen hem zeiden en ook geen idee had wat hij zelf zou moeten zeggen, want de enig woorden die bij hem opkwamen waren ‘help me’ en dat waren vast niet de dingen die de gasten van zijn eigen afterparty van hem wilden horen.
“Milo, hé!” riep Rick hem ineens en Milo voelde zijn benen slap worden van opluchting. Hij keek in de richting van naar waar hij Ricks stem had gehoord en zag hem staan bij een groepje mannen in dure pakken, in de buurt van de bar. Hij liep erheen, zijn rug rechtend, haalde diep adem maar kreeg bijna geen lucht binnen. De glimlach die hij produceerde voor het groepje mannen was zo nep dat zijn mond er zeer van deed. Snel liet hij zijn ogen langs de gezichten van Ricks gezelschap glijden en toen hij iemand herkende van zijn voormalige platenmaatschappij werd hij plotseling zo misselijk dat hij zeker wist dat de mannen hem letterlijk groen konden zien worden in zijn gezicht.
“Rick,” zei hij, zijn ogen neerslaand, zelfs zijn hoofd buigend zodat de bobo van de maatschappij zijn gezicht niet meer zou kunnen zien. “Heb je even?”
“Natuurlijk.” Rick klonk vrolijk, té vrolijk. “Heren, excuseer me even.”
Milo draaide zich van de mannen af en voelde hoe Rick onmiddellijk een arm om zijn schouders legde. Zijn ogen werden vochtig. Hij voelde zich ontzettend schuldig, hij voelde zich een verrader. Hij voelde zich het meest waardeloze wezen ter wereld.
“Waar was je?” vroeg Rick zacht, zijn gezicht vlak bij dat van Milo.
Milo deed zijn ogen dicht. Voordat hij had bedacht hoe hij zijn verhaal zou doen zei hij: “Ik heb een meisje geneukt op het toilet en blow gedaan.” Hij voelde Rick verstrakken en kneep zijn ogen nog stijver dicht.
“Godverdomme,” vloekte Rick hartgrondig. En nog eens: “Godverdomme.”
Milo merkte dat hij zachtjes zijn hoofd schudde. “Het spijt me,” fluisterde hij haast onhoorbaar.
“We gaan,” snauwde Rick gedempt. “Nu.”
“Oké.” Milo was ervan overtuigd dat Rick niet had gehoord dat hij iets zei. Hij liep met Rick mee, die nog steeds een arm om zijn schouders geslagen had, de bar uit, door de lobby, naar de lift. In de lift hield Milo zijn hoofd gebogen zodat hij zichzelf niet zou hoeven zien in de spiegels die hen omringden. Hij merkte dat niet alleen zijn kaak, maar nu zijn hele lijf trilde en vroeg zich af wanneer dat gebeurd was. Of die eikel van zijn oude maatschappij het gezien had. Of iemand in de gaten had gehad dat er iets aan de hand was. Wat ze dachten. Wat iedereen moest denken.
Pas toen hij Fletchers stem hoorde merkte Milo dat hij niet alleen was met Rick. Hij keek op, recht in Fletchers ogen, die hem aankeken. Fletcher leek niet boos of teleurgesteld. Hij knipoogde alleen geruststellend naar Milo.
Milo begon te huilen.

Geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels | Tags: , , | Een reactie plaatsen

LXXX. Ga weg

pianokeysHet was die laatste gedachte waardoor hij ruw wakker werd geschud. Sterker, het leek wel alsof hij ineens met een smak tegen de grond werd gegooid.
Grote god. Waar was hij mee bezig?
Er was ineens een dikke, drukkende, grote, grijze wolk in zijn hoofd en hij voelde zichzelf wegzakken, weggezogen worden, in een plotselinge kolk van zelfhaat, woede, angst en verdriet. Milo drukte zijn handen tegen zijn ogen en kreunde.
“Gaat het?” hoorde hij het meisje bezorgd vragen. Haar stem klonk ver weg.
“Ga weg,” zei hij. Hij twijfelde of hij wel geluid voort had gebracht, maar Carmen reageerde terug, dus hij moest hardop gepraat hebben.
“Wat bedoel je?”
“Ga weg,” herhaalde Milo, zijn handen nog steeds tegen zijn ogen gedrukt. “Gewoon, dat.”
“Was het niet…”
Met een handgebaartje onderbrak Milo haar. Hij wreef met zijn handen langs zijn wangen en deed zich moeite haar aan te kijken. Haar onschuld drong ineens tot diep in zijn ziel door en hij barstte bijna ter plekke in tranen uit. “Wel. Het was heerlijk. Maar je moet echt weggaan. Ik ben een klootzak, sorry.”
“Daar geloof ik niks van,” zei Carmen lief. Ze flirtte weer.
Milo besloot dat hij in geen staat was om met haar in discussie te gaan. Hij slaagde er tot zijn eigen verbazing in om zijn stem hard, zelfs onverbiddelijk, te laten klinken: “Ga weg. Ik zeg het niet nog eens.”
Carmen twijfelde, draalde nog even. Maar ze zei niets meer. En na even ontsloot ze de deur van het toilethokje en ze ging naar buiten. Milo luisterde naar het geluid van de hakken van haar pumps op de tegels, naar hoe ze een kraan opendraaide en naar hoe ze zich uiteindelijk verwijderde. De dikke deur van de luxe toiletruimte viel zachtjes achter haar dicht.
Er bleef een geweldige, overdonderende stilte over.
Milo’s kaak trilde. Hij klemde zijn kiezen op elkaar en ging zitten op de bril van de wc, zijn ellebogen op zijn knieën, zijn gezicht in zijn handen. Tot zijn verbazing huilde hij niet. Hij voelde zich alleen maar ellendig. Diep, diep ellendig.
Pas na een heel lange tijd lukte het hem weer op te staan.
Rick. Hij moest naar Rick.

Geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels | Tags: , , , | Een reactie plaatsen