LXXVIII. Toch

Piano_sNa de show zaten ze onmiddellijk in de bus, zoals Rick hen die morgen had opgedragen. Milo had een deken om zich heen geslagen, maar hij had het toch zo koud dat hij zijn kaken op elkaar moest klemmen om te voorkomen dat zijn tanden zouden klapperen. Rillend dook hij in elkaar op de bank in de bus waar hij zich op had laten vallen. Iedereen liet hem tot zijn opluchting met rust.
Toen ze bij het hotel aan kwamen sliep Milo bijna. Hoewel Rick hem voorzichtig aanraakte schrok hij.
“Kom, we gaan naar binnen,” zei Rick zachtjes.
Milo hapte naar adem, knikte. Deze keer liet hij zich wel overeind helpen. Zonder op te kijken liep hij beschermd onder Ricks arm de lobby van het hotel binnen.
In de lift zag hij zichzelf in een spiegel en hij schrok van hoe bleek hij was, en hoe doorzichtig grauw de huid om zijn ogen. Hij deed zijn ogen dicht om zichzelf niet meer aan te hoeven kijken.
Op Milo’s hotelkamer vroeg Rick: “Wil je naar de afterparty?”
Milo zat op de rand van zijn bed en hij keek verrast op. “Hè?”
“Of je naar de afterparty wilt.” Rick keek naar hem.
Milo was verbluft. Waar kwam die vraag ineens vandaan? Vond Rick dat hij hem toch voor de vorm moest meevragen? Hoopte hij soms dat Milo uit zichzelf nee zou zeggen? Dacht hij soms dat het veilig was Milo deze vraag te stellen?
Om de dooie dood niet.
Milo had zich die morgen zo buitengesloten gevoeld dat het nu nog resoneerde in zijn lijf. Hij voelde zich ondanks alles nog altijd opstandig. Rick zou zich elke seconde dat Milo in de bar was bezig moeten houden met de vraag of iemand hem drugs of alcohol zou geven; Ricks afterparty was definitief geruïneerd als Milo meeging.
Dan had je het maar niet moeten vragen.
Milo knipperde met zijn ogen, stond op, wankelde even en liep toen naar de badkamer. Zichzelf toch weer aankijkend in de spiegel zei hij: “Ja. Graag.” En toen Rick stil bleef: “Is leuk, toch?” Hij kon zijn eigen sarcasme bijna proeven.
“Zeker weten?” vroeg Rick vanuit de slaapkamer.
“Uh-huh,” deed Milo.
Rick zei niets terug.
Milo haalde schone kleren uit zijn al ingepakte koffer. Teruglopend naar de badkamer om te douchen keek hij heel even naar Rick en hij grijnsde bij het zien van de mengeling van verbijstering en ontmoediging op diens gezicht. “Cool,” zei hij met een knipoog. Rick zweeg nog steeds.
Gedoucht, weer aangekleed en met verse make-up op zijn gezicht stapte Milo een kwartier later de slaapkamer weer binnen. Hij voelde zich bijna goed.
Rick keek naar hem en probeerde zijn bezorgdheid met een glimlach te maskeren.
“Moet jij je nog omkleden?” vroeg Milo. Hij merkte dat hij hees was.
“Nee,” zei Rick. “Ik ben maar de manager. Het gaat om jou.”
En jij wilde mij daar niet hebben, weet je nog? Milo zei het niet.
Samen liepen ze naar de lift. Milo’s bandleden stonden al te wachten.
Fletcher keek naar Milo, naar Rick en weer naar Milo, maar hij zei niets.
“Ga je toch mee?” vroeg Jesse. Hij probeerde luchtig te klinken, maar in Milo’s oren klonk hij vooral bezorgd.
“Heel even,” zei Milo, zijn blik ontwijkend.
De liftdeuren gingen open en ze stapten in.
Milo keek weer naar zichzelf in de spiegel. Hij zag nog steeds bleek, maar het zwarte oogpotlood accentueerde zijn blauwe irissen en leidde op die manier in ieder geval af van de kringen onder zijn ogen. Hij haalde diep adem, hief zijn hoofd en rechtte zijn schouders.
Een uurtje. Anderhalf misschien. Zo lang kon hij wel faken.

Advertenties

Over Jackles

Filosoferende fantast.
Dit bericht werd geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s