LXII. Niets

pianokeysMilo staarde met nietsziende ogen uit het raam van de bus. Hij hoorde dat er iemand naar hem toe kwam en beet op zijn lip.
“Geef me je jas eens.” Het was Fletcher.
Milo keek naar hem op. Hij begon de jas van zijn schouders te schudden, maar dat leek Fletcher te lang te duren; hij greep het kledingstuk en trok het van Milo af.
Milo keek met op elkaar geperste lippen hoe Fletcher de zakken afzocht, een zakje van twee gram cocaïne tevoorschijn haalde en in zijn eigen broekzak stopte, alle naden naliep, de mouwen en schouders extra controleerde. Toen hij klaar was gooide hij de jas naast Milo op de stoel.
“Sta op.”
Milo deed wat hem gevraagd werd. Hij wankelde op zijn benen en trilde als een rietje terwijl Fletcher hem fouilleerde. Alle naden van zijn kleding, alle zakken. Er verdween nog een klein zakje in Fletchers broekzak.
“Laarzen uit.”
“D-daar zit niks,” stamelde Milo.
“Laarzen. Uit.”
Snikkend zonk Milo terug in de stoel. Hij trok zijn laarzen uit en legde ze op zijn jas op de zitting naast hem.
Fletcher inspecteerde ze van boven tot onder en gaf ze terug aan Milo toen bleek dat hij er inderdaad geen drugs in verborgen had.
Milo trok zijn laarzen weer aan, en zijn jas. Bibberend kroop hij weer weg in de stoel.
“Heb je downers?”
Met een diepe zucht deed Milo zijn ogen dicht. Na even zei hij: “Ik heb Xanax nodig om te slapen.”
“Bullshit. Waar heb je ze?”
Hij snikte weer. Fluisterend: “In mijn toilettas.”
Fletcher zei niets terug. Hij liep terug naar achteren. Nu hoorde Milo wel wat hij zei: “Haal zijn slaapplek leeg.”
“Alles?” vroeg Tom.
“Helemaal.”
Even zeiden de jongens niets, maar Milo hoorde het geruis van lakens, dekens en kussens die uit één van de slaapplaatsen in de tourbus werden gehaald.
“Alleen in je toilettas,” zei Fletcher op een gegeven moment hard. Milo hoorde hoe hij naar hem toe beende door het gangpad van de bus en hij kneep zijn ogen dicht. “Alleen in je toilettas,” herhaalde Fletcher dichtbij Milo. “Hè?” Hij gaf Milo een duw tegen zijn schouder. “En dit dan?”
Milo hoorde het ritselen van een plastic zakje.
“Godverdomme!” vloekte Fletcher hard.
“Fletch,” zei Rick kalm. “Kom op.”
“Hij liegt,” brieste Fletcher. “Hij liegt gewoon verder!”
Milo beet op zijn lip en kroop diep weg in zijn jas, alsof hij erin wilde verdwijnen.
“Fletch,” zei Rick nog eens.
Milo luisterde naar hoe alle beddengoed uit zijn slaapplaats binnenstebuiten werd gekeerd. Hoe de niet gebruikte slaapplaatsen waar tassen, laptops, instrumenten, cadeautjes van fans en andere spullen in lagen, leeg werden gehaald en alle spullen werden onderzocht. Hoe Tom, Jesse en Rick op zachte toon dingen tegen elkaar zeiden die hij niet kon verstaan.
Na een hele tijd kwam er weer iemand naast hem zitten. Het was Rick.
“Ben je wakker?”
Milo knikte haast onzichtbaar, maar keek niet naar zijn manager.
“Geef me je gsm.”
Nu deed Milo zijn ogen open en hij draaide zijn hoofd naar Rick toe. “W-wat?”
“Je gsm,” zei Rick, zacht en geduldig. “Geef op.”
Onwillekeurig snikte Milo. Hij kwam een stukje overeind en haalde zijn smartphone uit zijn broekzak. Rick pakte het toestel van hem aan en drukte het scherm aan.
“Pincode?”
Verslagen deed Milo zijn ogen weer dicht. Fluisterde de vier nummers. Door zijn wimpers keek hij naar hoe Rick het toestel ontgrendelde en wat applicaties opende. Na even zette Rick de telefoon uit en hij liet het apparaat in zijn binnenzak glijden. Milo deed zijn ogen weer dicht en klemde zijn lippen weer op elkaar.

Over Jackles

Filosoferende fantast.
Dit bericht werd geplaatst in Milo Morris, Random writings, Schrijfsels en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s